Speerpunten Meerjarenbeleid 2017-2021

Wie zijn we en wat doen we?

Het Platform is een samenwerkingsverband van meer dan tien organisaties die op verschillende terreinen participatie stimuleren. Participatie in dubbel opzicht: volwaardig meedoen van inwoners aan activiteiten en verbanden in de samenleving èn naar vermogen daaraan bijdragen. Deelhebben en deelnemen moeten zo weinig mogelijk gehinderd worden door materiële, fysieke en sociale hindernissen. Sociale uitsluiting is slecht voor individuele en sociale ontwikkeling.  

Ook politieke partijen maken deel van uit van het PSW. Dat hangt samen met het ontstaan 20 jaar geleden, namelijk als initiatief van enkele politieke partijen om armoede in Waddinxveen te bestrijden.

De huidige samenstelling van het Platform vind u hier.

In het Platform wordt informatie uitgewisseld, er wordt onderling overleg gevoerd en er worden gedeelde  visies, kennis en opvattingen ingebracht bij andere organisaties. Het Platform behartigt de  gedeelde belangen van de deelnemende organisaties door overleg, onder andere met de gemeente. En tot slot: het PSW behartigt ook de gezamenlijke belangen van inwoners die cliënt zijn (en afhankelijk zijn) van de gemeente.

Het Platform komt viermaal per jaar bijeen; wethouder(s) en ambtenaren worden hebben een doorlopende uitnodiging. Het PSW voert regelmatig gestructureerd overleg met de ‘wethouders Participatie’.

Het PSW maakt een onderscheid tussen overleg (bepleiten van belangen van cliënten en deelnemende organisaties) en advies (integraal en onpartijdig). In onze visie hoort overleg vooraf te gaan aan advisering door de Participatieadviesraad, waaraan het PSW en de deelnemende organisaties ook hun bijdrage leveren. Dit onderscheid moet in de praktijk beter worden nageleefd.

 

Wat zijn onze prioriteiten?

1. Het bereiken van mensen met een smalle beurs.

Gemeenten hebben best veel mogelijkheden om hun inwoners te bereiken. En toch blijkt al jaren  dat de faciliteiten voor minima onvoldoende worden benut. De gemeenteraad wil het bereik naar 75% verhogen, hetgeen het PSW van harte ondersteunt. Maar dan moet er nog veel gebeuren.

Heldere en herhaalde voorlichting op de juiste plaatsen, via de beste kanalen en in eenvoudige woorden (taalniveau A2) is belangrijk, maar nog niet voldoende. Het is nodig in de haarvaten van de gemeenschap door te dringen: denk aan sportclubs, scholen, kerken/moskeeën en professionele hulpverleners. Maak gebruik van hun kennis en contacten. De opmerkzaamheid moet hoger, de schroom lager, de samenwerking beter en de communicatie effectiever.

2. Prioriteit voor kinderen

Voor de toekomst van kinderen en voor de samenleving als geheel is het belangrijk dat kinderen niet het risico van sociale uitsluiting lopen. Op advies van het PSW heeft de gemeente in 2016 voor het nieuwe ‘minimameedoenbeleid’ voor die prioriteit gekozen. Ook voor nieuwe middelen zal daar de nadruk moeten liggen. Om alle kinderen te bereiken is samenwerking met en tussen ‘kinderorganisaties’ (denk aan scholen, sportclubs, CJG, Leergeld, Jeugdsport/cultuurfonds, Jarige Job, Nationaal Fonds Kinderhulp) nodig.

3. Toeleiding naar werk, betaald of vrijwilligerswerk, is maatwerk.

De weg naar werk gaat via tredes op de participatieladder: snuffelstage, oriëntatiestage, vrijwilligerswerk, leer-werkplek, vaardigheidstraining, ervaringsplaats, etc. Daarbij moeten soms eerst nog hinderpalen worden opgeruimd, bijvoorbeeld schulden. Het PSW wil dat alle cliënten van de gemeente een PPP krijgen, een persoonlijk participatieplan. Daarin wordt beschreven wat de cliënt in huis heeft (beperkingen, maar vooral ambitie, houding, vaardigheden en kennis), wat zijn/haar inspanning zal zijn en wat de gemeente daarvoor inzet. Het PPP legt de wederzijdse rechten en plichten vast en is een middel om te sturen op commitment, respect en maatwerk. Het PPP wordt regelmatig aangevuld met acties en resultaten en vormt aldus het portfolio van de cliënt: onmisbaar voor de betrokkene en voor jobcoaches, reïntegratiebedrijven en werkgevers/ondernemers. Zo’n persoonlijk plan is essentieel voor succesvolle toeleiding.

PSW wil bijzondere zorg en inzet voor personen met een arbeidsbeperking en voor statushouders.

4.Tegenprestatie/activiteiten binnen de uitkering

Mensen die voor werk en inkomen bij de gemeente aankloppen kunnen grofweg in drie categorieën worden ingedeeld: (1) zei die willen èn kunnen, (2) zij die willen maar (nog) niet kunnen en (3) zij die (nog) niet willen. Als onderdeel van een traject naar werk (beschreven in het PPP) kunnen vrijwilligersactiviteiten nuttig en nodig zijn. Daarvoor komen mensen uit categorie 1 en 2 in aanmerking en daarvoor is medewerking/begeleiding van vrijwilligersorganisaties nodig. PSW wil die organisaties niet belasten met de begeleiding van mensen uit categorie 3. Op deze ‘niet-willers’ is de ‘tegenprestatie’ van toepassing en in verband met passende begeleiding kan dat het beste in een professionele organisatie. Daarbij moet verdringing van reguliere arbeid worden voorkomen.

5. Schuldhulpverlening

Problematische schulden ontstaan vaak door het zogeheten sneeuwbaleffect. PSW wil meer aandacht voor preventief beleid, bijvoorbeeld op scholen, en voor vroegtijdige onderkenning door afspraken met verhuurders en nutsbedrijven. Interventies moeten sneller en meer op maat plaatsvinden. Soms volstaat EHBO (bijv. budgettraining), soms is intensive care nodig waarbij de gemeente (naast hulp op ander vlak) de schuld overneemt, een pauze inlast en de afbetaling regelt. De maatschappelijke effecten dienen jaarlijks te worden geëvalueerd.

6. Eenzaamheid

Deskundigen wijzen op een toename van eenzaamheid, een vorm van stille sociale armoede. Vooral onder ouderen, maar niet alleen bij die groep, kan dit tot problemen leiden, o.a. gezondheidsproblemen. Op initiatief van Seniorenraad en PSW wordt gewerkt aan een structurele aanpak door samenwerking tussen professionele betrokkenen en met vrijwilligers. Tegengaan van eenzaamheid verdient een prominente plaats in het sociaal domein.

7. Woningbouw en huisvesting    

PSW vraagt aandacht bij gemeente, projectontwikkelaars en Woonpartners voor de behoefte aan betaalbare huurwoningen. Woonpartners wordt met klem verzocht sociale woningen niet meer te verkopen, iets wat al te veel is gebeurd en waar mensen met een smalle beurs de dupe van zijn. Ook vraagt PSW aandacht bij betrokken instanties voor het bouwen van seniorenwoningen. De scheiding tussen wonen en zorg vraagt om vernieuwend beleid in het sociaal domein.

8. Meer aandacht voor het ‘doenvermogen’

Onze samenleving stelt hoge eisen aan kennis, vaardigheden en zelfredzaamheid van burgers. Maar hoge eisen kunnen te hoog worden en niemand redt het zonder steunstructuur, zeker niet bij stressvolle levensgebeurtenissen. Bovendien gaat het vaak om samenloop van problemen en hindernissen, waarbij laaggeletterdheid (van circa 1,5 mln mensen) er nog maar één is. De WRR stelt in het rapport ‘Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid’ om veel beter rekening te houden met de mentale belasting van burgers en de verschillen in ‘doenvermogen’. PSW pleit voor een fundamentele discussie over de betekenis van dit perspectief voor het beleid, de regels en de kwaliteit van dienstverlening in het sociaal domein.